Pensioen in eigen beheer: vragen en antwoorden voor de DGA

Pensioen in eigen beheer: vragen en antwoorden voor de DGA

Directeur-grootaandeelhouders (DGA’s) die hun pensioen in een eigen beheer opbouwen, staan de komende tijd flinke veranderingen te wachten. We hebben een interessant artikel gelezen in AccountantWeek en willen dit graag met u delen. Aan de hand van zes vragen worden de plannen voor het pensioen in eigen beheer toegelicht.

Met name het verschil tussen de commerciële en fiscale waarde van het pensioen vormt op dit moment een groot probleem. De huidige lage marktrente maakt dit verschil alleen nog maar groter. Het gevolg is, dat dividenduitkeringen en financiering van het partnerpensioen moeilijk te realiseren zijn. Dit vraagt om een nieuwe aanpak. De staatssecretaris van Financiën, Eric Wiebes, heeft op 1 juli 2015 zijn plannen voor het pensioen in eigen beheer bekendgemaakt. Bovendien is er op 24 september een extra alternatief voorgesteld.

1. Hoe werkt het pensioen in eigen beheer nu?
Vaak wordt de uitvoering van een pensioenregeling bij een verzekeraar of pensioenfonds ondergebracht. Alleen geldt er voor DGA’s een uitzondering; zij mogen hun pensioen in een eigen pensioen bv opbouwen. De pensioenopbouw vindt plaats door middel van een reservering op de balans. En omdat het een fiscale aftrekpost is, brengt dit met name fiscale voordelen met zich mee.

Vanuit de pensioen bv ontvangt de DGA pensioenuitkeringen op het moment dat hij met pensioen gaat. In de bv moet een pensioenpot gespaard worden om deze uitkering daadwerkelijk te kunnen doen. In de praktijk gebeurt dit vaak niet, zodat op pensioendatum onvoldoende middelen aanwezig zijn om het pensioen ook daadwerkelijk uit te kunnen keren.

Als er wel al wordt gespaard, is het gespaarde bedrag vaak te laag. In de praktijk was het namelijk gebruikelijk, dat het te sparen bedrag werd gebaseerd op  de fiscale spelregels rondom het berekenen van een pensioenkapitaal. De bedrijfseconomische (commerciële) spelregels wijken hier momenteel fors vanaf, waardoor een substantieel hoger vermogen nodig is om aan eenzelfde pensioenuitkering te kunnen voldoen.

2. Wat gaat er veranderen voor de DGA?
Als de plannen worden doorgevoerd, en die kans is zeer reëel, dan wordt de pensioenopbouw in eigen beheer vervangen door een meer marktconforme aanpak en krijgt de DGA op pensioengebied een grotere keuzevrijheid. De pensioenopbouw wordt meer marktconform, doordat bestaande pensioenregelingen veelal eindloonregelingen zijn en anders middelloonregelingen. Bij verzekerde pensioenen komt een eindloonregeling nauwelijks meer voor en is het de tendens dat wordt overgeschakeld van een middelloonregeling naar een zogenoemde beschikbare premieregeling.

Het nieuwe pensioen in eigen beheer krijgt een karakter, dat lijkt op een beschikbare premieregeling. De fiscale kaders voor het waarderen van het pensioen in eigen beheer gaan waarschijnlijk veranderen en dan komt er een einde aan het verschil tussen fiscale en commerciële waarde van het pensioen in eigen beheer. De pensioenreservering gaat op een andere manier plaatsvinden. Het kenmerk van een beschikbare premieregeling is namelijk dat er niet langer wordt gespaard voor een levenslange pensioenuitkering, maar voor een pensioenpot. De pensioenpot wordt pas op pensioendatum herrekend naar een uitkering. De reservering voor een pensioenpot is makkelijker uitvoerbaar dan de reservering voor een levenslange uitkering. De hoogte van de uitkering wordt hierdoor echter onzekerder, omdat deze pas later wordt vastgesteld.

3. Wat verandert er op de pensioendatum?
Op de pensioendatum wordt gekeken hoe de pensioenpot is gevuld. De DGA kan vervolgens bepalen of hij het pensioen via de bv laat uitkeren of dat hij het pensioen op de pensioendatum gaat afstorten bij een verzekeraar, die vervolgens de uitkeringen gaat verzorgen. Het afstorten van het pensioen op pensioendatum kan tot nu toe alleen bij een pensioenverzekeraar. De DGA kan in de toekomst ook voor een lijfrente- of bancair product gaan kiezen. Vaak zijn deze producten transparanter en kennen zij in de regel een beter rendement.

In het verleden ging het vaak fout bij het opbouwen van pensioen in eigen beheer, omdat het niet verplicht was om daadwerkelijk middelen te sparen om die pensioenuitkering ook echt te kunnen uitbetalen. Het nieuwe plan lost hier helaas niets in op. Daarom vraagt pensioen in eigen beheer ook in de toekomst om een goede financiële planning en een pensioenplan. Om problemen te voorkomen, is het belangrijk dat een DGA hiervoor een adviseur raadpleegt.

4. Wat betekenen de plannen voor de partner en het partnerpensioen?
De plannen maken de positie van de partner minder sterk. Als de plannen worden doorgevoerd, dan gaat de partner er duidelijk op achteruit. Omdat in de plannen wordt uitgegaan van een beschikbare pensioenpot voor de DGA in plaats van opgebouwde rechten voor een uitkering, heeft de partner geen recht meer op een nabestaandenuitkering. Als de ‘oude’ pensioenrechten worden omgezet in de nieuwe pensioenpot, gaat de partner er dus op achteruit. De DGA en zijn partner moeten de komende periode dan ook nadenken over mogelijke compensatie. Er moet goed gekeken worden naar de gewenste aanpassingen op pensioengebied bij scheiden, overlijden en bij arbeidsongeschiktheid.

5. Krijgt de DGA in de toekomst meer zekerheid dat hij zijn pensioen ook daadwerkelijk gaat ontvangen?
Of de pensioenuitkering op de pensioendatum daadwerkelijk gedekt is, blijft even onzeker als nu. Het blijft simpelweg een papieren verplichting. De DGA moet er zelf voor zorgen, dat er vermogen tegenover de reservering van de pensioenpot komt te staan. Het vraagt om een goed en toekomstbestendig financieel plan, waarbij zowel naar de privé als de zakelijke situatie van de DGA moet worden gekeken. Het zou goed zijn als hier in de Pensioenwet ook aandacht aan wordt gegeven en adviseurs verplicht worden om een vergunning te hebben om überhaupt pensioenadvisering uit te mogen oefenen. Daarmee kan de nazorg op het pensioen in eigen beheer worden geborgd, waaronder de aandacht van de DGA dat er ook daadwerkelijk iets in de pensioenpot wordt gespaard.

6. Wat kan de DGA nu doen om zijn pensioen veilig te stellen?
DGA’s moeten het pensioen niet alleen als fiscale aftrekpost zien, maar vooral als oudedagsvoorziening. Ook moet hij nu al rekening houden met de lage rentestanden. Om daar invulling aan te geven, is het belangrijk dat hij bepaalt wat de in de toekomst gewenste pensioenuitkering moet zijn, welk pensioenpotje daarvoor nodig is en hoeveel daar, rekening houdend met de lage rentestand, periodiek voor moet worden gespaard.

Daarnaast moet worden bepaald welke dekking voor het partnerpensioen en of een arbeidsongeschiktheidsverzekering gewenst is. Het is nog niet duidelijk wanneer de nieuwe regels gaan gelden, maar een redelijke verwachting is dat dit pas per 2017 zal zijn. Tijdig nadenken over de nieuwe mogelijkheden voor het pensioen in eigen beheer geeft de DGA niet alleen nu, maar ook in de toekomst meer duidelijkheid.

Wij verwachten dat als een DGA zich goed in zijn pensioensituatie verdiept, het steeds vaker voor zal komen dat het wenselijk is om de pensioenopbouw in eigen beheer voor de toekomst stop te zetten en over te gaan naar het sparen van pensioen bij een bank of verzekeraar. Het recent voorgestelde derde alternatief van staatssecretaris Wiebes is het volledig afschaffen van het pensioen in eigen beheer. Als dit alternatief doorgaat, zullen DGA’s zich in ieder geval moeten gaan verdiepen in hoe de pensioenopbouw in de toekomst het beste kan worden ingevuld.

Bron: AccountantWeek

MIJN GILDE